Waarom bio-vlees beter smaakt

Er zijn testen uitgevoerd waaruit bleek dat een tomaat van biologische oorsprong niet beter smaakt dan een standaard tomaat die bespoten is. Het gaat namelijk niet zozeer om de genetische modificaties of bestrijdingsmiddelen, maar om de wijze van verbouwen, oogsten en bijvoorbeeld het klimaat.
Daarbij gaat het niet om de gezondheid of de impact op het milieu, maar puur en alleen om de smaak.
Bij bio-vlees ligt het anders; dat smaakt wél beter dan bio-industrie vlees. Hoe dat mogelijk is lees je in deze blog.

Verschil tussen biologisch en bio-industrie

De termen zijn een beetje ongelukkig gekozen, dat vinden wij ook. Biologische teelt van groente, fruit en vlees betekent minder of geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, antibiotica en betere omstandigheden voor de natuur.
Dat is een heel summiere samenvatting, maar voor nu even voldoende.
De bio-industrie staat daarentegen voor dieren die in kleine kooien massaal gefokt worden als producten, met voeding die gekozen is op kosten, niet op voedingswaarde. Ook dat is kort door de bocht maar het verschil mag duidelijk zijn. Zelfs wanneer je niets geeft om dierenwelzijn en de natuur is er toch een overtuigende reden om voor bio-vlees te kiezen; de smaak.

Daarom smaakt bio-vlees beter

1. Meer ruimte voor het dier

Heel oneerbiedig gesproken zijn dieren wandelende producten met spier- en vetweefsel. Net zoals iemand die vaak sport er anders uitziet dan iemand die nauwelijks beweging krijgt, heeft biologisch vee meer bewegingsruimte en daardoor ook een gezonder lichaam. De verhouding tussen spier- en vetweefsel is daarom beter.
Kijk maar eens naar een foto van een scharrelkip of een plofkip, dan zie je wat voor een verschil enkele meters oppervlakte betekent.

2. Betere diervoeding

Een koe die gras eet presteert beter dan een koe die maïs eet. Met name in de Verenigde Staten worden koeien volgepropt met maïs die ze niet goed kunnen verteren. Daar worden ze ziek van, en dat geldt ook voor andere diersoorten. Er zijn zelfs gevallen bekend van slachtafval dat in diervoeding verwerkt wordt. Daarmee worden varkens kannibalen die hun soortgenoten moeten eten.
Dan is het niet vreemd dat dieren ziek worden in de bio-industrie.

3. Natuurlijke leefomstandigheden

Een varken van nu ziet er anders uit dan een wild zwijn. Dit komt door een combinatie van natuurlijke selectie en doelgericht fokken. Maar als we kijken naar plofkippen zien we dat er grenzen zijn aan natuurlijke processen. Deze kippen kunnen niet langer rechtop staan omdat het lijf te zwaar is voor de poten. Net zoals rashonden vaak erfelijke afwijkingen bezitten, geldt dit ook voor bio-industrie vee. |
Natuurlijk is niet voor niets een synoniem voor vanzelfsprekend.

4. Fokken, slachten en verwerken door specialisten

Bij Cool to Meat You kennen we onze leveranciers en de omstandigheden waarin dieren leven en verwerkt worden. Biologische boeren, slachthuizen, uitbeners en slagers gaan toch nét even wat anders om met dieren.
Dat zie je en dat proef je.
Dieren krijgen de ruimte om te groeien, worden op het juiste moment geslacht en in prachtige stukken vlees gesneden die de smaak recht te doen.

5. Geen onnatuurlijke toevoegingen

E-nummers om de kleur te veranderen, zout om het vlees wat smaak te geven, of wat extra water ‘tanken’ om de kiloknallers winstgevend te maken; daar houden wij bij Cool to Meat You niet van. Als vlees van nature niet goed smaakt, of wanneer er geen verdienmodel te verzinnen is, dan zou je ook niet in het slagersvak moeten stappen. Natuurproducten verdienen beter.

Cool to Meat You kiest bewust voor duurzaam bio-vlees. Dat is beter voor mens en milieu, en smaakt gewoon beter!